Doden van dieren: culling

In Nederland wordt veel gefokt met huisdieren. Een aantal van die fokkers is het puur om het geld te doen. Zij worden ook wel ‘broodfokkers’ genoemd. Deze fokkers willen het liefst dieren die veel geld opbrengen, bijvoorbeeld omdat ze een bepaalde vachtkleur hebben. Er zullen echter ook dieren geboren worden met een andere kleur dan waar de fokker op hoopte. Die dieren zijn kerngezond en kunnen verkocht worden, maar voor een lagere prijs. Ze worden dan vaak gedood, omdat hun hokruimte en voeding liever besteed worden aan dieren die in de verkoop meer opleveren. Omdat dierenartsen hier vaak niet aan willen meewerken en bovendien geld vragen voor hun handelingen, doden de fokkers deze dieren zelf. Dit wordt ook wel ‘culling’ genoemd.

Doden van dieren

2009: start van de campagne

In 2009 berichtte de Sophia-Vereeniging dat er in Nederland geen wet is die het doden van huisdieren door particulieren (en dus ook fokkers) verbiedt. Dat veroorzaakte veel ophef: landelijke en regionale kranten, radio- en televisiezenders besteedden aandacht aan de zaak. Ook in Den Haag werd het bericht opgepikt. Een maand nadat we een brief stuurden aan de verantwoordelijke ministers, stelde de Tweede Kamerfractie van GroenLinks Kamervragen aan minister Verburg. Zij hield de boot echter af en was niet van plan de dieren te helpen.

2014: succes voor hond en kat

Het duurde lang, maar na een intensief lobbytraject lukte het in 2012 om staatssecretaris Bleker ervan te overtuigen het gat in de Nederlandse wet te repareren. Hij stelde voor om het zelf doden van honden, katten en ganzen strafbaar te stellen, zodat alleen de dierenarts deze dieren mag euthanaseren als ze ziek zijn. Dit verbod ging in 2014 in.

2015: 10.000 handtekeningen voor uitbreiding verbod

De Sophia-Vereeniging was enorm blij dat het verbod op het doden van honden en katten door particulieren in 2014 in ging. Maar we waren er nog niet! We blijven ons inzetten totdat in de Wet dieren gelijke regels voor alle huisdieren worden opgenomen, zodat ook het zelf doden van vissen, vogels, konijnen en knaagdieren strafbaar wordt gesteld. Tot die tijd kan iemand die deze dieren om het leven brengt alleen aangepakt worden als bewezen kan worden dat er sprake is geweest van mishandeling, en dat is zelden aantoonbaar. In 2014 werd een publiekscampagne gestart, die wederom op veel media-aandacht kon rekenen. In maart 2015 stuurden we een brandbrief aan de verantwoordelijk staatssecretaris Dijksma, die werd ondertekend door maar liefst 10.000 steunbetuigers!

2016: in gesprek met het ministerie

Ondertussen werkten we mee aan het televisieprogramma Rambam, waarin getoond werd hoe konijnen die te groot waren geworden om als ‘schattig’ verkocht te worden door fokkers worden gedood, bijvoorbeeld door ze aan dierentuinen aan te bieden als roofdierenvoer. Per brief wezen we de nieuwe staatssecretaris Van Dam op de uitzending in februari 2016, waarbij we hem tevens verzochten te reageren op de brandbrief die in 2015 aan zijn voorganger werd aangeboden. Daarop werd de vereniging in april 2016 uitgenodigd op het ministerie. De directeur Dierlijke agroketens en diergezondheid sloot een uitbreiding van het verbod op het zelf doden van honden en katten niet uit en hij adviseerde om media en politiek actief te blijven attenderen op het onderwerp. Met de campagne ‘Stop de huisdierenhandel‘ brengt de Sophia-Vereeniging de malafide praktijken van fokkers wederom onder de aandacht.

Doden van dieren

Lange adem

Het onderwerp staat continu op onze agenda omdat een lange adem nodig is voor het van de grond krijgen van regelgeving. Inmiddels hebben al zo’n 17.000 steunbetuigers onze petitie ondertekend, waarin we de minister vragen om het verbod op het zelf doden van dieren uit te breiden.

Het doden van dieren is meestal onzichtbaar omdat het achter gesloten deuren gebeurt. Dat er dierenbeschermende maatregelen nodig zijn, maakt de recente reportage van EenVandaag pijnlijk duidelijk. Daarin wordt het dierenleed blootgelegd dat schuilgaat achter de konijnenfokkerij.