
Kies voor een kat met dezelfde leeftijd als de kat die u al heeft. De combinaties poes-kater en kater-kater zijn over het algemeen het beste, al geeft dit geen garanties. Let er op dat katers meer ruimte nodig hebben dan poezen. Wanneer u nog geen katten heeft, kunt u het beste twee katten uit hetzelfde nest aanschaffen.
Laat de kat eerst in een afgesloten kamer wennen. Hang daar een Feliway-verdamper op en richt de kamer in met een kattenbak, speeltjes, slaapplekken, water en voedsel. Als de kat gewend is, kunt u hem langzaamaan steeds meer toegang geven tot andere ruimtes.
Net als bij ieder ander probleemgedrag moet de kat eerst onderzocht worden door de dierenarts. Is er geen lichamelijke reden (bijvoorbeeld pijn) voor zijn gedrag, dan kunt u een gedragstherapeut inschakelen om zo de oorzaak te achterhalen. Dwing een kat nooit tot contact en ga de kat niet troosten. Daarmee bevestigt u dat er een goede reden is om angstig te zijn. Geef de kat voldoende hoge plekken in huis verstop brokjes op verschillende plaatsen om hem aan te sporen het huis te verkennen.
Als een kat meerdere dagen niet eet, kan leververvetting optreden. Dat zorgt ervoor dat de kat zichzelf uiteindelijk vergiftigt. Ga dus zo snel mogelijk naar de dierenarts!
Een kat is gemiddeld per dag 6 tot 8 uur actief met jagen, spelen, voedsel zoeken, et cetera. Als het baasje veel van huis is en de kat kan niet naar buiten, dan gaat het dier zich vreselijk vervelen en lijden aan eenzaamheid en stress. Dat kan tot uiting komen in probleemgedrag. Het is dus heel belangrijk dat een kat regelmatig gezelschap heeft. Dat kan het baasje zijn, maar liever nog soortgenoten. Geef katten genoeg afleiding, in de vorm van een krabpaal, speelgoed en verstopplekken. U kunt ook brokjes verstoppen op diverse plekken uw huis, zodat de kat kan ‘jagen’.
Een kitten dat te vroeg uit het nest is gehaald, heeft een belangrijke les gemist in het socialisatieproces. Wanneer kittens spelen, corrigeren ze elkaar als het spelen te ruw gaat. U kunt het beste een kitten erbij nemen, als de situatie dat toelaat. Speel bovendien alleen met speelgoed aan een stok of hengel en nooit met uw handen en voeten.
Bron: Carla Nienhuis, stagiair Kattengedragsadviesbureau