Nieuwsbrief
Volg de Sophia-Vereeniging op:
Huisdier in nood?
Bel het Landelijk Alarmnummer
Dierenambulances & Dierenhulpdiensten:
0900 – 0245
Nederland niet goed voorbereid op uitbraak gevaarlijke dierziekten
23-06-2010
DEN HAAG - Niet alleen via vee, maar ook via katten, exoten die als huisdier worden gehouden, muggen, teken en ratten worden dierziekten overgedragen op mensen. Soms met fatale gevolgen, zoals bij de Q-koorts. Als een dierziekte uitbreekt, worden er als standaard maatregel vaak miljoenen zieke en gezonde dieren geruimd. vaak zijn de maatregelen die getroffen worden echter weinig effectief. Uit het rapport Emerging zoonoses: early warning and surveillance in the Netherlands, dat vandaag is aangeboden aan demissionair minister Gerda Verburg van Landbouw, blijkt dat Nederland niet goed voorbereid is op een grootschalige uitbraak van een dierziekte die voor mensen gevaarlijk is. Volgens het RIVM ligt de oplossing in een betere samenwerking tussen alle betrokken partijen.
gemeenschappelijke aanpak
Het onderzoeksprogramma Emerging zoonoses wordt gecoördineerd door het RIVM. Verder werken de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht, het Centraal Veterinair Instituut van Wageningen UR en de Gezondheidsdienst voor Dieren aan het project mee. Het RIVM pleit voor een gezamenlijk meldsysteem van de veterinaire sector en de humane gezondheidszorg. Dat moet leiden tot het ontstaan van een kenniscentrum van specialisten uit beide domeinen. Zo moet een veel betere samenwerking van alle betrokkenen mogelijk worden. Dat is des te belangrijker omdat dierziekten steeds vaker een belangrijke bron zijn voor infectieziekten bij mensen. Als zich een infectieziekte voordoet bij dieren, gelden heel andere regels dan wanneer een infectieziekte bij mensen optreedt. Daarom is het ontwikkelen van een gemeenschappelijke aanpak van zoönosen (dierziekten die gevaarlijk zijn voor dier én mens) zo belangrijk.
Duidelijkheid
Tot dusverre ontbreekt een goed systeem voor de opsporing van dierziekten die voor mensen gevaarlijk kunnen zijn. Organisaties op het gebied van volksgezondheid en diergezondheid werken onvoldoende samen. Bovendien werken ze vanuit een heel verschillend kader. Behalve een gezamenlijk meldingssysteem voor dierziekten die voor de mens gevaarlijk zijn, moet er heldere structuren komen. Er moet precies worden vastgelegd wie waarvoor verantwoordelijk is. Dus: wie moet signalen over dierziekten oppikken, hoe en aan wie moeten ze gemeld worden, wie moet maatregelen nemen, wie neemt de besluiten en wie is verantwoordelijk voor de communicatie? Nu is niet goed duidelijk wie wat moet doen.
Rangorde
Het rapport Emerging zoonoses bevat een lijst met 86 voor mensen gevaarlijke dierziekten. Daarbij is een rangorde opgesteld van welke ziekten potentieel het gevaarlijkst zijn. Niet alle genoemde ziekten komen al voor in Nederland. Sommige zoönosen worden overgebracht door vee, andere door huisdieren of exotische dieren die mensen houden, weer andere door muggen en teken. In de lijst staat ook wat er allemaal nog niet bekend is over de verschillende ziekten en welke maatregelen nodig zijn ter voorbereiding op een mogelijke uitbraak ervan. Bovenaan de lijst staat het Aziatische vogelgriepvirus, gevolgd door toxoplasma gondii (een door katten overgebrachte ziekte), het Japanse encephalitusvirus (veroorzaakt hersenvliesontsteking en wordt overgebracht door muggen) en als vierde Q-koorts.